Sander Heijne en Hendrik Noten (H&N) schreven het boek Fantoomgroei. Zoals wij eerder bespraken, vinden de auteurs dat de economische groei niet meer eerlijk verdeeld wordt. De kapitaaleigenaren (aandeelhouders) en/of de top van de bedrijven profiteren, maar de werkende Nederlanders zien niets van die groei terug. In hun boek proberen ze verklaringen te geven voor deze ontwikkeling en formuleren ze oplossingsrichtingen. Op beide valt wel het een en ander af te dingen.

Het akkoord van Wassenaar

Chris van Veen en Wim Kok
Bron: commons.wikimedia.org

H&N laten ons weten dat het bekende Akkoord van Wassenaar tussen werkgevers (Chris van Veen) en werknemers (Wim Kok) uit 1982 aan de wieg stond van deze ontwikkeling. In dat akkoord werd ‘loonmatiging’ als het middel ingezet om de economie te stimuleren. Loonmatiging was ook het middel om de kredietcrisis die in 2008 begon, te bestrijden. Het gevolg was dat werknemers de prijs betaalden voor een crisis, terwijl de winsten en dividenden van het grote bedrijfsleven op peil bleven.

Hoe kan het, zo vragen H&N zich af, dat niemand in de vakbeweging in 1982 zich tegen het akkoord verzette? Zij vragen het aan een oud vakbondsbestuurder, aan wie ze de achterblijvende ontwikkeling van de lonen na 1982 voorleggen. Zijn reactie was dat niemand die gevolgen heeft kunnen voorzien.

Hayek kon het naoorlogse sprookje niet verstoren …

En het begon allemaal nog wel zo mooi, vlak na de bevrijding in 1945. Er was het idee ontstaan dat werkgevers en werknemers samen met de overheid het land weer moesten opbouwen. Die opbouw slaagde, net als in andere Europese landen. “De periode 1945-1975 is in sociaal en economisch opzicht een van de meest uitzonderlijke periodes uit de westerse geschiedenis” (blz. 135-136). Lonen stijgen en er is weinig ongelijkheid. Maar Friedrich Hayek (1899 —1992) ligt dan al op de loer.                  

Hayek was de bekendste verdediger van het vrije marktdenken en tegen (te veel) overheidsingrijpen in de economie. Zijn ideeën waren vooral gebaseerd op zijn afkeer van het totalitaire communistische systeem van de Sovjet-Unie. In de centraal geleide economische planning van de Sovjet-Unie werden keuzes gemaakt over wat wel en wat niet te produceren. Die keuzes konden alleen maar centraal genomen worden en dus niet de voorkeuren van alle burgers weerspiegelen. De markt kan dat wel, daar is zelfs geen politieke besluitvorming voor nodig. Dus terwijl de vrije markt kon bestaan zonder de politiek, was centrale planning per definitie politiek. Dat was politiek die wel leiden moest tot het ondergraven van de democratie en individuele vrijheden.

De verwerping van overheidsinterventie ging ver bij Hayek. Niet alleen zag hij Nazi-Duitsland en de Sovjet-Unie als in strijd met individuele vrijheid. Ook de eerste voorstellen voor het invoeren van een stelsel van sociale bescherming in het Verenigd Koninkrijk aan het eind van WO II zag hij als voorbereidingen voor de weg naar slavernij. Dat viel niet goed in de West-Europese landen waar (zie boven) een vorm van saamhorigheid aan het ontstaan was.

… tot er een oliecrisis kwam

Friedrich Hayek
Bron: commons.wikimedia.org

Hayek was dus een verdediger van een extreme variant van vrije marktwerking. De overheid was nuttig om een aantal basisrechten, zoals veiligheid en bescherming van eigendom, in stand te houden. Maar verder zou de overheid niet mogen gaan. Dus zaken als het aanbod van onderwijs of de verzekering tegen (sociale) risico’s zouden prima door de vrije markt geregeld kunnen worden.

H&N beschrijven vanaf blz. 138 uitgebreid de ideeën van Hayek en later Milton Friedman (1912 — 2006). Vanaf eind jaren zeventig beginnen die ideeën in Europa aan te slaan. Onder invloed van de toen heersende oliecrisis explodeerden overheidsschulden en stortte de werkgelegenheid in. De overheid was te ver gegaan in haar poging de economie, inclusief de inkomensverdeling, te beheersen. Het was tijd voor het vrije-marktdenken, ook wel het neo-liberalisme genoemd.

In Nederland werd de overwinning van het neo-liberalisme bezegeld door het akkoord van Wassenaar. Aldus H&N. Maar is dat wel zo? En is de groei van het inkomen van de arbeiders de eerste dertig jaar na de WO II wel het gevolg van de solidariteit en de saamhorigheid die toen waren ontstaan?

Er is misschien toch een economische wet: r > g

Economie is een menswetenschap en dus, anders dan bij de exacte wetenschappen, bestaan er geen universeel geldende economische wetten. Wat mij betreft is er echter één uitzondering. Gemiddeld gesproken moet namelijk de beloning van kapitaal (r) hoger zijn dan de groeivoet van het nationaal inkomen (g). Als r>g neemt het inkomen uit vermogen dan ook sneller toe dan de gemiddelde lonen. Waarom r>g moet gelden, vind je hier uitgelegd. De ongelijkheid geldt gemiddeld, dus niet altijd. Zo wetmatig is r>g dus ook weer niet. Er zijn perioden dat g>r geldt. Dat was bijvoorbeeld de eerste dertig jaar na de Tweede Wereldoorlog het geval, terwijl vanaf de jaren tachtig r>g weer relevant was. De geconstateerde toename van de inkomensongelijkheid vanaf de jaren tachtig kun je dus toeschrijven aan r>g en niet aan het akkoord van Wassenaar. Dat akkoord bevestigde in feite wat internationaal al gaande was, namelijk een toename van vermogens en het relatief achterblijven van lonen.

De ongelijkheid r>g speelt natuurlijk een grote rol in het werk van de Franse econoom Thomas Piketty waar wij het eerder over hadden. H&N kennen het bekende boek van Piketty (zie blz. 113 en 137), maar schrijven toch: “zo bezien komt het ons tamelijk vreemd voor dat leiders in [de] geïndustrialiseerde wereld het roer in 1982 zo rücksichtslos hebben omgegooid. Waarom namen ze afscheid van de economische formule die de algehele bevolking – voor het eerst in de geschiedenis – zoveel welvaart heeft gebracht?” (t.a.p, blz. 113/114). Dat klopt dus niet, de formule r>g gooide het roer om, dat deden niet de leiders. Wat je de leiders hoogstens kunt verwijten is dat zij zich aangepast hebben aan het onvermijdelijke en geen poging gedaan hebben tegen de wind (namelijk tegen r > g) in te zeilen.

H&N willen hun eigen economische wetenschap

In deel drie van hun boek, willen H&N de definitie van de economie als wetenschap (her)formuleren. De klassieke definitie die economen gewoonlijk hanteren is al bijna 90 jaar oud en luidt: “economie is de wetenschap die menselijk gedrag bestudeert binnen de keuzes die gemaakt worden bij het inzetten van schaarse middelen en gewenste doelen die mensen hebben” (geciteerd bij H&N, blz. 170). Deze definitie – afkomstig van Lionel Robbins (1898—1984) omschrijft echter redelijk precies wat academische economen proberen te doen.

Bijvoorbeeld, stel een econoom probeert te begrijpen waarom sommige mensen veel en anderen weinig werken. Dan maakt zij eerst een veronderstelling over de waardering van mensen van vrije tijd ten opzichte van het hebben van inkomen (de doelen). Vervolgens constateert de econoom dat er schaarste heerst (je kunt niet de maximale vrije tijd en een hoog inkomen tegelijk hebben). vervolgens probeert ze dan te begrijpen hoe mensen de afweging tussen inkomen en vrije tijd maken. Sommigen waarderen vrije tijd veel meer dan inkomen en werken weinig (of niet) en anderen waarderen inkomen meer en werken veel. Dit soort analyses kun je op een groot aantal onderwerpen loslaten, zoals: hoeveel van hun inkomen willen mensen besparen, hoe willen ze beleggen, wanneer willen ze zich verzekeren, enzovoorts.

Maar de economie van H&N is onmogelijk

Kenneth Arrow
Bron: commons.wikimedia.org Linda A. Cicero/Stanford News Service

H&N schijnen dat helemaal niet te willen weten. Zij willen weten hoe je welvaart voor iedereen en een bloeiende samenleving kunt krijgen. Tsja, dat zijn interessante vragen, maar helaas geen academische vragen. Er is namelijk geen logisch sluitend antwoord mogelijk. Dat verzin ik natuurlijk niet zelf, maar dit is niets anders dan de onmogelijkheidsstelling van Arrow. Als ik het een beetje kort door de bocht formuleer, zegt deze stelling dat het niet mogelijk is om een doelstelling voor iedereen te formuleren waar iedereen het ook mee eens is. Of, in nog andere woorden: de bloeiende samenleving die jij voor ogen hebt, wordt altijd door minstens een ander persoon niet als bloeiend gewaardeerd.   

Geldland maakt de rijke elite onaantastbaar

Natuurlijk kun je met belastingmaatregelen proberen het proces van toenemende ongelijkheid te keren. Maar we weten ook dat de rijken belastingen nogal eenvoudig kunnen ontwijken. Zij kunnen hun geld steken in brievenbusfirma’s die in belastingparadijzen zijn gevestigd. Er blijken veel trucs te zijn om je geld onzichtbaar te maken. Deze trucs worden in detail beschreven door Oliver Bullough in zijn boek Moneyland.

Bron: bol.com

Je zorgt ervoor dat je brievenbusfirma in handen is van een andere firma die ook weer in handen is van een andere firma, enz. Daarnaast kun je je geld steken in dure panden en dan bij voorkeur via makelaars die geen moeilijke vragen stellen (Londen schijnt geliefd te zijn). Natuurlijk staat zo’n huis niet op jouw naam (je woont er sowieso al vrijwel nooit, want je hebt nog een stuk of negen van dat soort panden), maar daar richt je dan ook weer een firma voor op, bij voorkeur in een land waar het eenvoudig is om een bedrijf te starten.

Volgens Oliver Bullough is Nieuw Zeeland het land waar je met de minste problemen een bedrijf kunt starten. Lees wat hij daar over schrijft op blz. 94. Een bedrijf, gevestigd in Nieuw Zeeland, had een vliegtuig gehuurd om illegaal wapens naar Iran te verzenden. Het kwam uit en het bedrijf werd geïdentificeerd. Als directeur van dat bedrijf stond een 28-jarige werknemer bij Burger King vermeld. Het bleek dat ze daarvoor NZ$20 had ontvangen. De echte eigenaren konden niet opgespoord worden, zoals Bullough schrijft (in mijn vertaling): “dankzij het gemak waarmee zij in Nieuw Zeeland een anoniem bedrijf konden beginnen”.

Oplossingen van H&N lossen het grote probleem niet op

Terug dan naar H&N: wat zeggen zij over de kunstgrepen van de rijken op deze aarde? Vrijwel niets. Ze schrijven wel iets over Nieuw Zeeland, namelijk dat de premier Jacinda Ardern had aangekondigd afscheid te willen nemen van het bbp. “Haar regering geeft de voorkeur aan een index die het geluk en welzijn van haar burgers meet” (blz. 193).  Dat is mooi natuurlijk, maar zou ze niet beter eerst afscheid kunnen nemen van de bedrijven die zich zo gemakkelijk op haar grondgebied kunnen vestigen en die zich met illegale activiteiten bezighouden.

Brievenbusfirma’s Bron: pixabay.com

Is het naïviteit of is het gebrek aan kennis? Natuurlijk willen H&N dat er een einde komt aan brievenbusfirma’s (zie blz. 222), maar als je denkt dat dat in het voordeel van die bedrijven zelf is, moet je zeker Moneyland gaan lezen. Geld wegsluizen is een vrijwel niet meer te stoppen kankergezwel in het internationale financiële verkeer geworden. Het zijn de niet-rijken der aarde die aan dit gezwel lijden. De rijken varen er wel bij. Dankzij de hulp van advocaten, fiscalisten, handelaren, makelaars in vooral de ontwikkelde landen, kunnen de rijken hun geld onbekommerd wegstoppen en nog rijker worden dan ze al zijn.

Wat mij betreft zou alle energie moeten zitten in het stoppen van dit soort operaties. Het oprichten van coöperaties, zoals H&N voorstellen, klinkt liefelijk, maar leidt niet tot het opheffen van ongelijkheid.

Naschrift:

Er is inmiddels een nieuw akkoord tussen werkgevers en werknemers in de maak. Dit akkoord lijkt erop gericht te zijn de achterstelling van de lonen in de afgelopen veertig jaar in ieder geval deels ongedaan te maken. Het aandeel van flexwerk moet minder worden en het minimumloon moet stijgen. Dit is dus het akkoord van Wassenaar op zijn kop. Is dit echt het gevolg van de doorgeslagen ongelijkheid, die zelfs werkgevers begint op te vallen? Of kondigt zich een periode van g>r aan? Dat laatste weten we pas over een jaar of twintig.

 

Categorieën: Groei

0 reacties

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.