Thomas Piketty in 2013: kapitalisten worden rijker dankzij r > g

In 2013 publiceerde de Franse econoom Thomas Piketty zijn boek over kapitaalinkomen in de 21e eeuw. Het boek (bijna 600 bladzijden dik, exclusief noten en dergelijke) maakte, na vertaling in het Engels, grote opgang en had eigenlijk één centrale stelling. Die was dat, net als in de 18e en 19e eeuw, vermogende mensen steeds rijker worden ten opzichte van de mensen die van een ‘gewoon’ looninkomen moeten rondkomen. Het was eigenlijk niet zo’n verrassende stelling, omdat het een soort wetmatigheid in de economie is dat de groei van kapitaalinkomen op de lange termijn hoger moet zijn dan de groei van looninkomen. “Thomas Piketty in 2013: kapitalisten worden rijker dankzij r > g” verder lezen

Ewald Engelen over de economische wetenschap

Wat voor een wetenschap is economie eigenlijk en hoe wordt aan studenten overgedragen? We kunnen voor het antwoord te rade gaan bij columnist Ewald Engelen. Dit is wat hij zegt over hoe economie gedoceerd wordt aan de Nederlandse universiteiten: “Sterker dan in ons omringende landen is in Nederland economie een monotheoretische discipline en wordt de Nederlandse economiebeoefening gedomineerd door mathematica. En groter dan elders is in Nederland de kloof tussen economische werkelijkheid en economische theorie: het model wordt voor de realiteit geschoven.” Deze quote roept veel vragen op. “Ewald Engelen over de economische wetenschap” verder lezen

Met quasi-berekeningen schept het CPB een generatiekloof

Als de AOW-leeftijd op 66 jaar wordt bevroren, in plaats van die te laten stijgen tot 67 jaar en verder, dan is dat potverteren op kosten van de jongeren, zo meldde De Volkskrant. De pensioenpot zal door dit soort maatregelen eerder leeg raken. Hoe weet de krant dat? Ik vermoed door berekeningen van het CPB. Dit instituut waarschuwde diverse malen voor de onhoudbaarheid van de AOW en creëerde zo een kunstmatige oud-jong tegenstelling en tevens het excuus voor de afbraak van de AOW. “Met quasi-berekeningen schept het CPB een generatiekloof” verder lezen

De zorgverzekering in NL en de VS (College 11: EvdO)

We hebben geleerd in college 10 dat verzekeraars op de markt zullen proberen de ‘hoge’ risico’s (HRs = mensen met gemiddeld hoge schadelast, dus relatief ongezond) te weren of anders voor hen een kostendekkende (en dus onbetaalbare) premie te berekenen. Op een markt waar dat succesvol lukte (de VS) bleven veel HRs onverzekerd rondlopen. Als deze HR-mensen onverhoopt ziek werden, kregen ze slechte zorg tegen een hoge prijs. Voor landen met een enigszins sociale inslag is dat onwenselijk. In college 9 hebben we al gezien hoe Nederland en de VS onder Obama de onverzekerbaarheid hebben bestreden door mensen te verplichten zich te verzekeren. In dit college evalueren we hoe deze verplichting in deze landen heeft uitgewerkt, met de kennis van college 10 in het achterhoofd.

“De zorgverzekering in NL en de VS (College 11: EvdO)” verder lezen

Zorg (College 9: EvdO)

Zijn mensen gezonder als er in een land veel aan zorg wordt uitgegeven? Hangt de zorg die we ontvangen als we ziek zijn af van ons inkomen?  Hebben arme mensen een slechtere zorgverzekering dan de rijken? Dit zijn de soort vragen waar we ons in dit college mee bezig houden. Het is niet zo verrassend dat zal blijken dat de vorm en de inhoud van de zorgverzekering bepalend zijn voor het antwoord op deze vragen.

“Zorg (College 9: EvdO)” verder lezen

Belastingconcurrentie (College 7: EvdO)

Belastingconcurrentie doet zich voor als min of meer vergelijkbare landen azen op eenzelfde soort ‘kapitaal’. Dat kapitaal kan bestaan uit hoog opgeleide specialisten, het kan een fabriek zijn, een groot multinationaal bedrijf, zoals Starbucks, het kan ook het hoofkantoor van een bedrijf zoals Unilever zijn, maar het kan ook gewoon mensen met (veel) geld zijn. We beperken ons hier tot niet-menselijk fysiek kapitaal. De vragen zijn hoe overheden met belastingmiddelen fysiek kapitaal proberen aan te trekken en of dat een welvaartsverhogende activiteit is. Het antwoord op de laatste vraag zal bijna altijd negatief zijn.

“Belastingconcurrentie (College 7: EvdO)” verder lezen

Begrotingsbeleid (College 6 EvdO))

De overheid mag in economisch slechte tijden de overheidsschuld op laten lopen om zo de economie te stimuleren, als ze in economisch goede tijden de schuld maar weer laat dalen om schuldexplosies te voorkomen. Dit inzicht is nu triviaal, maar er was een genie als John Maynard Keynes voor nodig om dit (in de jaren 1930) als eerste in te zien.
Dit zogenaamde anti-cyclische begrotingsbeleid is ergens in de jaren 60/70 van de vorige eeuw populair geweest, maar raakte daarna in diskrediet. Hoe komt dat?

“Begrotingsbeleid (College 6 EvdO))” verder lezen